Affectief-emotionele stoornissen

Het zorgprogramma affectief emotionele stoornissen kent verschillende stoornissen in relatie tot verstoringen in de emoties en/of gevoelsleven. Deze stoornissen verschillen sterk in uitingsvorm; zowel angsten, waaronder obsessief-compulsieve stoornissen, als stemmingsproblemen kunnen worden onderscheiden. Psychotische stoornissen zijn (vooralsnog) ook in dit zorgprogramma ondergebracht. Hierbij staan waarnemingsstoornissen en stoornissen in de realiteitstoetsing het meest op de voorgrond.

 

Er is een onderverdeling gemaakt binnen affectief emotionele stoornissen in een zorgpad angst- en stemmingsstoornissen en een zorgpad psychotische stoornissen.

Angst- en stemmingsstoornissen: bij kinderen met een angststoornis is angst het meest aanwezige symptoom. Dit vertaalt zich bij kinderen/jeugdigen vaak in extreme verlegenheid of teruggetrokken zijn, extreem bang om alleen te zijn, weigeren naar school te gaan. De jeugdige laat paniekaanvallen zien. Bij obsessief-compulsieve stoornissen is vooral sprake van dwanggedachten en/of dwanghandelingen. Bijvoorbeeld terugkerende gedachten, ideeën, voorstellingen of gedragingen bij kinderen en jeugdigen.  Er is sprake van het moeten uitvoeren van rituelen of het veelvuldig herhalen van handelingen. Dwanggedachten weerspiegelen vaak de angst dat er ongelukken gaan gebeuren, dat de persoon anderen iets aandoet of dat de persoon vies of besmet raakt.

Bij kinderen en jeugdigen met een stemmingsstoornis zijn een depressieve stemming, het niet of nauwelijks plezier  kunnen hebben en verlies aan interesse en motivatie de meest op de voorgrond tredende symptomen.

 

Psychotische stoornissen:  dit is een ernstige stoornis van de werking van de psyche waardoor informatie vanuit de omgeving verkeerd wordt verwerkt door de hersenen. Psychotische stoornissen kunnen worden gezien als een reactie op een overvraging bij sociaal-emotioneel kwetsbare mensen. Waarnemingsstoornissen en stoornissen in de realiteitstoetsing komen het meest voor bij psychosen. Iemand met psychose ervaart de werkelijkheid duidelijk anders dan iemand zonder. Symptomen zijn onder andere wanen en hallucinaties, als ook gebrek aan energie, vlakke emoties en gelaatsuitdrukking en een somber gevoel. Er kan ook sprake zijn van gedesoriënteerdheid.

Bij kinderen onder de 12 jaar zijn psychosen zeldzaam. In de puberteit en vroege volwassenheid komen deze stoornissen vaker voor.

De mogelijkheden voor onderzoek en behandeling binnen de Mutsaersstichting zijn divers en kunnen poliklinisch, in deeltijd of klinisch worden ingezet.